Al in de middeleeuwen was het gebruikelijk om de moeder en de kraamvisite te trakteren op iets lekkers. De geboorte werd groots gevierd en iedereen mocht het grote geluk meevieren. De kinderen kregen een suikerbol of een boterham met suiker: het kindermanstik.
De muisjes bestaan uit anijszaadjes en suiker. Vroeger werd aan de anijszaadjes geneeskrachtige eigenschappen toegekend. De moeder van het nieuwgeboren kindje dronk direct na de bevalling anisette (geplette anijszaadjes) omdat dit goed zou zijn voor het moedermelk en het zou de baarmoeder weer terugbrengen naar de oude staat. Dit kraamanijs zou ook de geesten bezweren. Naast dit anijsdrankje dronk de moeder ook kandeel (warme drank bereid met wijn, eieren, suiker en kaneel). Rond de 18e eeuw werd de anijs gesuikerd.
Het is onduidelijk wanneer de beschuit populair werd. Dit was eerst alleen voor de rijken weggelegd. Pas later ging men de beschuit samen met de muisjes eten.
De oorsprong van de naam ‘muisjes’ veroorzaakt nog veel getouwtrek. Sommigen zeggen dat naam komt van de vorm van het anijszaadje (met de staart), die op een muis lijkt. Anderen daarentegen leiden de naam af van de vruchtbaarheid die de muis vertegenwoordigt. De muis plant zich namelijk erg snel voort.
Vorig jaar is er onderzoek gedaan naar tradities in ons kleine kikkerlandje. Beschuit met muisjes veroverde de zevende plaats. Opvallend is dat andere geboortetradities zoals geboortekaartjes en kraamvisite niet voorkomen in de top 100.
Door Danique de Coninck




Bladwijzer van dit artikel maken bij…